Gezondheid

Hoe Werkt de CHA2DS2-VASc Score? (Beroerterisico bij Boezemfibrilleren)

7 min leestijd

De CHA2DS2-VASc score telt acht risicofactoren op tot een getal tussen 0 en 9, en dat getal schat in hoe groot de kans is dat iemand met atriumfibrilleren (boezemfibrilleren) een beroerte krijgt. Elke letter staat voor een risicofactor: hartfalen, hypertensie, leeftijd, diabetes, een eerder herseninfarct, vaatlijden en vrouwelijk geslacht. Hoe hoger de score, hoe hoger het jaarlijkse risico, en hoe eerder orale antistolling wordt aanbevolen.

Wat elke letter betekent

De naam CHA2DS2-VASc is een geheugensteun: elke letter is een risicofactor, en de cijfers 2 laten zien welke factoren dubbel tellen. Leeftijd komt twee keer voor in de afkorting, maar telt altijd maar één keer mee (zie verderop).

LetterRisicofactorPunten
CHartfalen of linkerventrikeldisfunctie1
HHypertensie (hoge bloeddruk)1
A2Leeftijd ≥ 75 jaar2
DDiabetes mellitus1
S2Eerder herseninfarct, TIA of trombo-embolie2
VVaatlijden (eerder hartinfarct, perifeer arterieel vaatlijden of aortaplaque)1
ALeeftijd 65 tot 74 jaar1
ScVrouwelijk geslacht (sex category)1

De maximale score is 9. Dat lijkt te weinig als je alle punten optelt (2+1+1+1+2+1+1+1 = 10), maar de twee leeftijdscategorieën sluiten elkaar uit. Iemand valt in de groep 65 tot 74 jaar (1 punt) óf in de groep 75 jaar en ouder (2 punten), nooit in beide. Daarom is 9 het hoogst haalbare.

Waarom sommige factoren dubbel tellen

De letters met een 2 (leeftijd ≥ 75 en een eerder herseninfarct/TIA) wegen zwaarder omdat ze het beroerterisico het sterkst verhogen. Vooral een eerder herseninfarct of TIA is een krachtige voorspeller: wie al eens een neurologische gebeurtenis heeft gehad, loopt duidelijk meer kans op een nieuwe. Datzelfde geldt voor hoge leeftijd. Door deze twee factoren twee punten te geven, weegt de score ze zwaarder mee dan bijvoorbeeld diabetes of hypertensie, die elk maar één punt opleveren.

Deze weging is niet willekeurig gekozen. Ze komt voort uit grote patiëntengroepen waarin onderzoekers bijhielden welke kenmerken samenhingen met een latere beroerte. Factoren die het risico ongeveer verdubbelden kregen twee punten, de overige één. Zo probeert de score met een enkel getal een genuanceerd beeld te geven van hoe zwaar de risicofactoren bij elkaar wegen, zonder dat je elke onderliggende studie hoeft te kennen.

Rekenvoorbeeld

Neem een vrouw van 68 jaar met hypertensie en diabetes type 2. Ze heeft geen eerder herseninfarct gehad, geen hartfalen en geen vaatlijden.

FactorVan toepassing?Punten
Hartfalen (C)Nee0
Hypertensie (H)Ja1
Leeftijd ≥ 75 (A2)Nee0
Diabetes (D)Ja1
Eerder herseninfarct/TIA (S2)Nee0
Vaatlijden (V)Nee0
Leeftijd 65 tot 74 (A)Ja1
Vrouwelijk geslacht (Sc)Ja1
Totaal4

Haar score komt uit op 4. Dat hoort bij een geschat beroerterisico van ongeveer 4,8% per jaar. Bij deze score wordt orale antistolling aanbevolen.

Bereken met je eigen waarden

Vul hieronder de risicofactoren in om direct de score en het bijbehorende jaarlijkse risico te zien.

jaar
CHA₂DS₂-VASc-score
/ 9
Deze calculator is alleen een educatieve referentie. Hij vervangt geen klinisch oordeel of een op richtlijnen gebaseerde antistollingsbeslissing. Het getoonde jaarlijkse beroerterisico is een benadering uit validatiecohorten. Bloedingsrisico, patiëntvoorkeur en comorbiditeit moeten de beslissing mede bepalen.
CHA₂DS₂-VASc Calculator
Gratis, geen registratie, werkt op elk apparaat.
Open de volledige tool

Risico per score

De onderstaande tabel toont het geschatte jaarlijkse beroerterisico bij elke score. De percentages komen uit de klinische literatuur en gelden voor mensen met atriumfibrilleren zonder antistolling.

ScoreJaarlijks beroerterisico
00,2%
10,6%
22,2%
33,2%
44,8%
57,2%
69,7%
711,2%
810,8%
912,2%

Het risico stijgt niet perfect lineair: bij score 8 ligt het geschatte percentage net iets lager dan bij score 7. Dat komt door de kleinere aantallen patiënten met zulke hoge scores in de onderzoeken. De trend is duidelijk: hoe hoger de score, hoe hoger het risico.

Wanneer wordt antistolling aanbevolen?

De behandelkeuze hangt af van de score én het geslacht, omdat het punt voor vrouwelijk geslacht op zichzelf geen behandelindicatie is. De algemene richtlijn (onder meer de ESC-richtlijn) hanteert grofweg:

  • Man met 0 punten of vrouw met 1 punt (alleen het geslachtspunt): geen antistolling.
  • Man met 1 punt of vrouw met 2 punten: antistolling overwegen, in overleg met de behandelaar.
  • Man met 2 punten of meer, of vrouw met 3 punten of meer: orale antistolling aanbevolen.

Dit is algemene informatie en geen persoonlijk medisch advies. De score is een hulpmiddel en vervangt geen klinisch oordeel; een arts weegt altijd ook het bloedingsrisico en de individuele situatie mee. Bij twijfel of bij een grensgeval, zoals een man met precies 1 punt, kijkt de behandelaar naar aanvullende factoren en naar de voorkeuren van de patiënt voordat er een beslissing valt. De score bepaalt dus niet zelfstandig de behandeling, maar geeft een gestructureerd startpunt voor dat gesprek.

Veelgemaakte fouten

Een paar valkuilen komen vaak voor bij het gebruik van de score:

  • Het geslachtspunt alleen als indicatie zien. Een vrouw met alleen het punt voor vrouwelijk geslacht (score 1) krijgt geen antistolling. Het geslachtspunt telt nooit op zichzelf als reden om te behandelen.
  • Leeftijd dubbel tellen. De twee leeftijdscategorieën sluiten elkaar uit. Tel nooit zowel de 1 punt (65 tot 74) als de 2 punten (≥ 75) op; iemand hoort in precies één groep.
  • Verwarring met andere scores. De CHA2DS2-VASc is niet hetzelfde als de CHADS2 (een ouder, grover model met minder factoren) of de HAS-BLED (die juist het bloedingsrisico inschat, niet het beroerterisico).
  • Gebruik bij valvulair atriumfibrilleren. De score is niet bedoeld voor mensen met een mechanische hartklep of matige tot ernstige mitralisstenose. In die gevallen wordt ongeacht de score altijd antistolling gegeven.

Veelgestelde vragen

Wat is een normale of veilige CHA2DS2-VASc score?

Er is geen “normale” score; de score meet risico, geen gezondheid. Een score van 0 bij een man (of 1 bij een vrouw, waarbij dat punt alleen voor het geslacht is) hoort bij het laagste risico, ongeveer 0,2% per jaar, en dan wordt meestal geen antistolling gegeven. Hoe hoger de score, hoe hoger het beroerterisico.

Wanneer moet ik met antistolling beginnen?

Volgens de algemene richtlijn wordt orale antistolling aanbevolen bij een man met 2 punten of meer en bij een vrouw met 3 punten of meer. Bij 1 punt (man) of 2 punten (vrouw) valt het te overwegen. De uiteindelijke keuze maakt je arts, die ook je bloedingsrisico meeweegt.

Wat is de maximale CHA2DS2-VASc score?

De maximale score is 9. Hoewel de losse punten optellen tot 10, kan iemand maar in één leeftijdscategorie vallen (65 tot 74 óf ≥ 75), dus die groepen sluiten elkaar uit en 9 blijft het hoogst haalbare.

Wat is het verschil tussen CHA2DS2-VASc en CHADS2?

De CHADS2 is het oudere, grovere model dat minder factoren meeweegt. De CHA2DS2-VASc is de uitgebreidere opvolger: die voegt vaatlijden, de leeftijdsgroep 65 tot 74 jaar en vrouwelijk geslacht toe, waardoor mensen met een laag risico nauwkeuriger worden herkend. Daarom wordt in de huidige richtlijnen de CHA2DS2-VASc gebruikt.

CHA2DS2-VAScatriumfibrillerenberoerterisicoantistolling
CHA₂DS₂-VASc Calculator
Probeer het nu zelf met de volledige tool.
Nu proberen